Onderdrukt of grenzeloos?

Bij mij begon het met onderdrukking. Toen ik 6 of 7 jaar oud was werd ik door mijn moeder ‘betrapt’ op masturberen. Ze vond mij, in slaap gevallen, met mijn handjes in mijn meisjesonderbroek.

Er volgde een ’gesprek’ waarin ik alles ontkende. Want ik voelde op mijn klompjes aan dat wat ik deed en waar ik geen naam voor had, maar wat wel héél lekker voelde, niet was wat een zoet, gehoorzaam en onschuldig meisje hoorde te doen. Over seks werd thuis niet gepraat. Zelfs niet toen ik op 11-jarige leeftijd lastig werd gevallen door een man in een auto die mij de weg vroeg naar ‘het hertenkamp’. De man had duidelijk andere bedoelingen, en toen ik dit thuis vertelde, schrok mijn moeder enorm, maar ik kreeg het gevoel dat ík iets fout had gedaan. Ze legde me uit dat ‘dit soort mannen’  je het bos in trokken om in je onderbroek te gaan graaien, op zoek naar eitjes.

Tot zover de seksuele voorlichting…..

Als 17-jarige had ik een vriendje en wilde aan de pil. Toen ik die kreeg van de dokter verzuchtte mijn moeder dat nu “alle remmen los” waren. Kortom, seks en seksualiteit was niet iets waarover ik thuis veel meekreeg. Het was een onderwerp waar niet over werd gesproken. Mijn seksualiteit werd hiermee onderdrukt. Toen ik later het leven en de liefde leerde kennen ging ik verhuizen naar Amsterdam. Natuurlijk het Sodom en Gomorra van de gewone protestanten. Mijn ouders hielden hun hart vast. En terecht. Want éindelijk woonde ik op een plek waar ik mijzelf kon ontdekken en ontwikkelen, een plek waar ik mijn seksualiteit leerde kennen en doorvoelen, daar waar ik erachter kwam dat je seksualiteit je bron van levensenergie is. Niemand kan zonder seks, was mijn motto, en ik vierde dit principe veelvuldig en luidruchtig. Ik schreeuwde van de daken dat vrouwen óók seksuele wezens zijn en was daar zelf het levende en levendige bewijs van. Ik runde zelfs een poosje een escortservice voor vrouwen, omdat ik vond dat niet alleen mannen, maar ook vrouwen seks op bestelling moesten kunnen krijgen. Hoewel ik ervan genoot en vond dat het noodzakelijk was dat álle vrouwen een verbinding met hun seksualiteit aangingen, was ik zelf nogal grenzeloos in mijn seksualiteitsbeleving. Ik wilde alles meemaken op seksueel gebied en deed dat ook. Omdat ik dat vond, luisterde ik niet goed naar wat mijn lijf mij te melden had en ging ik over mijn eigen grenzen heen. Ik gaf mijzelf voortdurend weg in naam van het principe dat je alles moest uitproberen. “Onderzoekt alles en behoud het goede” is een uitdrukking die ik in elk geval uit mijn bijbelse opvoeding had overgehouden. (1 Tessalonicenzen 5:21…en vermijd elk kwaad, in welke vorm het zich ook voordoet.) Het goede dat ik behield was de overtuiging dat wij allen seksuele wezens zijn, en dat je seksualiteit een bron van kracht is. Tegelijkertijd hebben sterke kwaliteiten ook een zwakke kant: doordat ik mijzelf zowel sociaal, áls energetisch, áls seksueel ‘weggaf’ raakte ik uitgeput. Volkomen leeg. En ik probeerde mijzelf weer te vullen met datgene waar ik zoveel plezier in had: seks. Met velen. Maar dat bleek een bodemloze put en ik raakte steeds meer uitgeput. Toen trouwde ik op mijn 41e de liefde van mijn leven en kwam tot rust. In alles, ook in mijn seksualiteit. Dat had ik nodig, die rust, maar na verloop van tijd merkte ik dat ik mijn eigen motto kwijtraakte. Ik was mij niet meer bewust van mijn seksuele wezen. Ik raakte het contact met mijn eigen sensualiteit, mijn seksualiteit en daarmee mijn basis kwijt. De weegschaal was weer doorgeslagen naar de andere kant. Eerst was er onderdrukking, toen grenzeloosheid en nu was er…. niks meer eigenlijk. Mijn seks was ‘verdwenen’. En dat is óók een vorm van onderdrukking. Ik heb mijzelf weer teruggevonden. Ik ben weer een seksueel wezen geworden. Ik ben niet meer doorgeslagen naar de andere kant, ben niet meer grenzeloos geworden. Wel heb ik mijn eigen seksuele kracht weer hervonden en geniet ik dagelijks van wat mij dat brengt. Door mijzelf weer te beminnen heb ik het contact met mijzelf en mijn seksualiteit hersteld. Ik heb weer een ‘bodem’ gekregen en doorvoel goed wie ik ben. Ik ben daardoor een stuk gezonder en ook wijzer geworden en heb daardoor véél meer energie. Mijn hele leven is ervan opgeknapt.